Fietsproef

De sportarts vertelt me dat mijn conditie niet al te best is, maar er is volgens haar wel wat aan te doen. “Maar dat wordt dan wel werken.” Dat is een krachtige samenvatting van het onderzoek dat zij zojuist heeft afgerond en waar ik het te onderzoeken object was. Ik hijg nog wat na van de fietsproef, waar ik het zes schamele minuten volhield en mijn benen het na die tijd wel voor gezien hielden. Ondanks mijn twee wekelijkse epo-injecties wilden ze niet meer. Ik trouwens ook niet. Voordat ik op de fiets mijn beperkte vaardigheden mag laten zien, zijn¬† mijn longen al doorgemeten, is de bloeddruk opgenomen en is er een hartfilmpje gemaakt. Dat allemaal om tot een uitgewogen bewegingsadvies te komen dat mij niet al te zeer zal uitputten, maar toch het nodige effect zal hebben. Ik ben doorverwezen door het team dat mijn hartfalen in de gaten houdt en dat het nuttig acht mij wat meer aan beweging te laten doen. Ik voor de gelegenheid mijn trainingsbroek meegenomen en ook nieuwe gymschoenen gekocht. Het vorige paar had ik aan geschaft toen ik meer dan 20 jaar geleden mee ging doen aan de revalidatie na mijn infarct.De arts stel mij gerust dat het hartfilmpje nog steeds een vrij constant beeld vertoont, ondanks wat recent ontstane lekkages. Alle meetgegevens bij elkaar leggend komt zij tot de eerder geciteerde conclusie. Het zijn vooral mijn beenspieren die wat extra aandacht behoeven.
De rest van de middag voelen mijn benen alsof ik gisteren de marathon van Rotterdam in een voor mij nieuwe recordtijd heb gelopen. Ze zeggen wel eens dat in de eeuwigheid een seconde net zo lang duurt als altijd. In mijn geval lijken 6 zware fietsminuten nu al als 42 kilometers en nog wat meters rennen. Op grond van alle metingen heb ik morgen een intakegesprek met de fysiotherapeut die mij de komende acht weken zal gaan begeleiden.  Als ze er tenminste heil in zien. Ik hoop dat ik mijn gympies niet voor niets heb gekocht.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *