Zaterdagavond

Het was een prachtige voorstelling. Met een bijzonder Kylianprogramma nam Introdans afscheid van het seizoen. Ooit las ik in een recensie over een choreografie van Kylian dat hij de bijnaam ‘sluip door, kruip door, Kylian’ verdiende. Hoe dat ook bedoeld moge zijn de vier balletten die ik gisteravond zag maakt die naam weer helemaal waar. In wonderlijk mooie lijnen laat hij elk ballet zijn eigen verhaal vertellen. Soms wat te anekdotisch, maar meestal zijn het de bewegingen zelf die mij meeslepen in hun eigen taal. Ik kijk altijd met lichte afgunst naar de souplesse van de dansers en danseressen. Wat een verschil met de moeite die ik heb overeind te komen uit mijn theaterstoel om mee te doen met de staande ovatie die het gezelschap deze avond ten deel valt.
Omdat het de laatste voorstelling van het seizoen is, is er na afloop ook een soort uitverkoop van niet meer nodige kostuums, schoenen en rekwisieten van het gezelschap. Gade vergaapt zich aan een standje met tassen en tasjes en rikraadt over een aankoop. Ik sta, geduldig als ik ben, wat voor mij uit starend ┬áte wachten als ik wordt aangesproken door een uiterst gesoigneerde heer. Op zijn revers heeft hij het draaginsigne dat hoort bij het officierschap in de orde van Oranje-Nassau. Ik heb zelf ook mijn lintje op. “Ach wat aardig, ik zie dat u ook een gedecoreerde bent. Ik vind dat gedecoreerden elkaar horen te begroeten.” Hij stelt zich voor. Ik vergeet onmiddellijk zijn naam. Ik zeg dat ik maar een ridder ben, hij officier. “Heb wat buitenlands werk gedaan, maar ik vind uw lintje met dat kroontje veel aantrekkelijker”, zet hij het gesprek voort en legt zijn hand vertrouwelijk op mijn onderarm. Mijn voorstel de lintjes dan maar te ruilen wordt met een schaterlach afgedaan.”Ha, ha, het idee!” Met een gebaar van zijn hand wuift hij het voorstel weg en na wat vrijblijvend gebabbel wensen wij elkaar over en weer nog een prettige avond verder.
Bij het weggaan kom ik hem een tijdje later in de garderobe weer tegen. “Donders was de naam toch?” We schudden weer handen, een hand op mijn schouder en ik noem mijn naam: “Roelofs.” Hij: “Prettig kennis gemaakt te hebben.” Ik: “Insgelijks.” Met een lichte hoofdknik vertrekken we uit elkaars leven.

Een reactie op Zaterdagavond

  1. Herman van Soest schreef:

    Wat die lintjes betreft; ik heb er ook een maar ik ben maar gewoon Lid. Verschil moet er in Lintjes land ook zijn dank ik dan maar. Ook daar is nog wereld van emancipatie te winnen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *