AFTh

Ruim zes jaar geleden begon ik met het schrijven van deze dagelijkse stukjes. Hoe ze te noemen? Blog, column, beschouwinkjes, kroniekjes van alledag. Zoek het maar uit. Meestal mag het geen naam hebben. Vluchtige daagse waarnemingen. Maar hoe ze ook mogen heten, het zijn er inmiddels wel ruim 2.2oo, let wel ruim tweeduizendtweehonderd. Allemaal tussen de drie- en vierhonderd woorden, samen goed voor zo’n ongeveer 770.000 woorden.
Mijn stukje hebben ook heel wat spam opgeleverd. Mijn computer heeft in de loop der jaren zo’n 3.685 spamreacties geblokkeerd, een veelvoud van de aardige reacties die ik kreeg van de lezers van mijn verhaaltjes. Dat waren er tot op de dag van vandaag 1.323. Vaak instemmende woorden, soms een kritische opmerking over een van de vele typefouten die mijn stukjes sieren. Maar zelden kreeg ik een opmerking over iets wat ik niet geschreven had. Gisteren schreef ik over de al dan niet vermeende overlast die buren elkaar  aan lijken te doen. Twee trouwe lezertjes gaven gezamenlijk geen commentaar op dat stukje maar schreven: “Ach wat jammer. Geen blog over de hand van AFT.”
Zelden laat ik mij wat gelegen aan de opmerkingen die ik van tijd tot tijd krijg, nauw verholen verzoeken om ergens over te schrijven van mensen die de ijdele hoop koesteren geanonimiseerd en wel in mijn blog te mogen figureren. Zaterdag overkwam mij dat weer. De Koffieclub resideert aan zijn vaste tafel bij de plaatselijke boekhandel, waar die middag een gerenommeerde schrijver en zijn echtgenote een uitgebreide signeersessie zullen houden. Daaraan voorafgaand zullen zij een lichte lunch gebruiken en daartoe is een tafel naast onze ‘stamtafel’ in het leescafé van de boekhandel gereserveerd. Het gezelschap arriveert en de directeur van de boekhandel wijst de schrijver op ons gezelschap. De schrijver neigt zich naar ons toe en wij krijgen een hand van de gelauwerde schrijver, die zijn naam noemt alsof wij niet wisten wie hij was. Als hij aan de dis zit, verkneukelen wij ons stilletjes, met heimelijke blikken over de ons zojuist geschudde hand. “Daar ga je vast over schrijven,” voegen twee tafelgenoten mij toe. Maar ik laat mij mijn onderwerpen niet opdringen en ik schrijf zondag niet over de hand van de schrijver die wij drukten, maar over overlast, die geen overlast is. Maar eigenlijk is het onderwerpje te mooi om te laten liggen. Daarom M en J, bij deze.

Een reactie op AFTh

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *