Rood

Er trekt een oranje-rode waas over het land. Van zuid naar noord kleurt de landkaart  in steeds feller kleur. Dan geel, dan oranje, dan rood. Er wordt keurig binnen de vakjes gekleurd. De wereld buiten Nederland lijkt niet meer te bestaan. Die is stralend wit. Binnen het land krijgt iedere provincie zijn kleur, alsof er echt provinciegrenzen bestaan en het precies over die grens nou net meer of minder glad is, de sneeuw precies voorbij die grens wat hoger of lager ligt.
Voor mij is de wereld niet geel, oranje of rood. Voor mij is de wereld wit. Sneeuwwit. Het is of de tuin zich onder een groot wit dekbed verschuilt. Geen groen, geen kleur, geen geel, geen oranje, geen rood. Zelfs de vijver lijkt dicht te sneeuwen. Vijftig tinten wit De grote struik achterin  buigt door onder elke laagje sneeuw op elke blad. Een windvlaag. Het is of de struik zich uitschudt, bevrijdt van de te zware last. Net als de kat die fluks weer binnen is na nauwelijks buiten te zijn geweest. Code rood is zelfs haar zwarte pels te gortig. Omstandig schudt zij de twee, drie vlokken van haar af. Ze kijkt me aan. “Hondenweer”, lijkt ze te zeggen en likt haar poten droog.
De wereld om me heen is bepoedersuikerd, als een te kitscherige kerstkaart . Op straat trekt een moeder een slee. Haar kind kraait het uit. Een roze bloem in een grijs witte wereld waar de sneeuw door een enkele auto zijn maagdelijke status heeft verloren.
Een straat vol geparkeerde auto’s in wintervacht.  Het advies is opgevolgd. Blijf maar thuis, ga de weg niet op. Het is stil. De sneeuw dempt alle geluid.
Alleen de waddeneilanden en Limburg hebben code geel. Maar hoe kom je daar als je beter niet weg kunt gaan?

Nog geen reacties op dit bericht

Betovering

Men neme 21 liederen van Schumann en Schubert, een componist die daar, zouden we nu zeggen, een mash-up van maakt, laat dat uitvoeren door een puik orkest met de componist aan de vleugel en voegt daar een ontroerende soliste aan toe en niets , maar dan ook helemaal niets staat een theatraal-muzikale beleving in de weg.
Ik was gisteravond bij “Im wunderschönen Monat Mai” van Reinbert de Leeuw samen met de Asko/Schönberg-ensemble en een betoverende Loes Haverkort als soliste. Veel te weinig mensen eigenlijk in de zaal voor zo iets prachtigs. Nee, ik ga geen recensie geven, maar krijg je de kans om deze cyclus te beluisteren, neem die kans waar en laat je net als ik meevoeren naar ongekende uitvoeringen van zo vertrouwde liederen. Ik ben er werkelijk vol van.
Na het concert, dat wondere uur, drinken we nog wat in het restaurant van de concertzaal. We hebben alle vijf genoten. Kan ook haast niet anders. Ik hou van de romantische liederen, geniet van Reinbert de Leeuw en zijn ensemble en wordt meer dan aangenaam verrast door de stem en voordrachtskunst van Loes Haverkort. De uitvoerenden krijgen een langdurige staande ovatie. Terecht. Een ovatie die een einde maakt aan de betovering die zo veel moois veroorzaakt. Dat ene uur bestaat de wereld niet meer. Is er alleen schoonheid en ontroering.
Reinbert de Leeuw en Loes Haverkort komen het restaurant binnen.Omringd door bewonderaars en bekenden. Wij breken op, maar ik kan het niet nalaten op haar af te stappen en te bedanken voor een wonderbare avond. “Fijn, dat u genoten hebt. Dank u wel.”  “U bedankt.”
Een week eerder had ik haar met het ensemble bij Podium Witteman gezien. Vijf te korte minuten. Nu een vol uur lang. Ein wunderschöner Abend in Monat Dezember.

Nog geen reacties op dit bericht

Noodzaak

Vriend W is op bezoek samen met C. W woont tegenwoordig in U, maar heeft ook lang hier in de stad gewoond. Hij was zelfs de buurman van Gade in de tijd dat Gade nog lang geen Gade was, maar een goede collega en alras een goede vriendin. Zolang kennen wij W dus al. Een eeuwigheid. Eens in de zoveel tijd komt W op visite. Mooie momenten, vaak met zijn dochters. Nu is W er met C. Hij wil haar de stad laten zien, ook voor hem het niet onbelangrijke decor van een groot deel van zijn levensverhaal. En vanavond gaan we samen naar een concert van Reinbert de Leeuw.
Vanochtend ben ik niet naar mijn zaterdagse koffieclub geweest. Het druilerige natte weer deed mij afzien van een fietstochtje. Bovendien belde Zoonlief of hij op de koffie kon komen. Klein familiair koffieclubje. Daardoor kwam het er niet van al aan het dagelijkse schrijven te beginnen. Dat kon altijd later nog wel. Maar eerst moesten de zaterdagse puzzels in de Trouw worden opgelost. Een mens, ik in ieder geval,  heeft zo zijn  vaste gewoontes. Ankerpuntjes in het bestaan. Maar dat is het schrijven ook. Maar is daar vandaag wel tijd voor? Vanavond het concert, daarvoor moet ik nog iemand bij een vrijgezellenfeestje toespreken en tussendoor moet er ook nog eens samen met onze gasten gegeten worden. Bijna te veel voor te weinig tijd.
Het is leuk bij te praten met W en C. De thee smaakt, net als de restanten van een voorbije Sinterklaas. De kout is aangenaam, maar ergens knaagt er iets. Schrijf ik nog of niet? Ik moet over een tijdje weg. De tijd dringt. “Ik denk dat in vandaag maar een keertje oversla.” Ik zeg dat met een groot hoorbaar vraagteken. “Moet je zelf zien,” zegt Gade. Daar heb ik weinig aan en weet dat eigenlijk ook wel. “Ik ga toch even schrijven.” meld ik het gezelschap. “Doe maar lekker,” zegt Gade. Daar heb ik wat aan. Ik snel, nou ja snel, naar boven. Schrijven, een plezierige noodzaak.

1 reactie op dit bericht

(V)luchtvaart

Het heeft in ons land voor het eerst dit seizoenweer een beetje gesneeuwd. En het heeft niet alleen gesneeuwd het heeft ook nog gewaaid, hard gewaaid. Oei, oei, oei, hoort de wind waait door de bomen. Maar niet alleen door de bomen, ook onze nationale luchthaven Schiphol heeft er danig last van. Het KNMI kondigt codes in diverse kleuren van de regenboog aan en de radio krijgt er niet genoeg van om er rond elke nieuwsuitzending aandacht aan het besteden. Weermannen in diverse soorten en maten krijgen de gelegenheid om nog eens te bevestigen dat het met sneeuw wel eens glad kan worden en het zicht minder. En dat harde wind tot verkeersoverlast kan leiden. Ja, zo leer je nog eens wat. Ik hoor een woordvoerder van Schiphol vertellen dat zeker 50% van de binnenkomende vluchten met vertraging te maken krijgt en dat dit direct weer gevolgen zal hebben voor de  vertrekkende vluchten. En als je het zo vaak over vluchten heb gehad is de verspreking heel logisch dat hij  afsluit met de verzuchting dat het voor de vluchtvaart een lastig dagje zal worden. Ik proef nog even zijn verspreking die van luchtvaart vluchtvaart maakt. En zo wordt op deze winderige dag een luchthaven zo maar ineens een veilige vluchthaven. En er is weinig fantasie voor nodig om een vluchtheuvel een luchtheuvel te noemen,een plaats waar je op gevlucht bent om opgelucht op adem kunt komen tussen het voor en achter je langs razende verkeer. En ik hoor de gevangene in zijn isoleercel na een mislukte ontsnappingspoging zingen van vluchten kan niet meer, maar ook van luchten kan niet meer. En ik speel met de al dan niet verwisselbaarheid van luchtig en vluchtig. En of een vlieghaven ook een lieghaven kan worden en of daar een zich versprekende woordvoerder een rol in kan hebben. En is een vervalst vliegbrevet een liegbrevet, kan een luchtgat een vluchtgat worden en een luchtkoker gebruikt worden als vluchtkoker. Etcetera, etcetera. Waar een beetje sneeuw en wind al niet toe kan leiden.

1 reactie op dit bericht

Deegroller

Onze Sinterklaasviering bestond uit een genoeglijke maaltijd met de overbuurvrouwen. En verder waren er vooral wat rommelzolderpakjes, cadeautjes van niks die we ooit zelf hadden gekregen en die al een hele tijd in een nauwelijks gebruikt laatje lagen te verstoffen. Maar ze deden het nog uitstekend bij het cadeautjesspelletje dat een van de buurvrouwen had bedacht, maar de rest van het gezelschap niets of in ieder geval bijna niets van begreep. Dat kwam vooral ook omdat de bedenkster op ondoorzichtige wijze tijdens het spel de regels veranderde en wel zo dat zij op het einde van het spel -dat op zich ook al onduidelijk was- de meeste prullaria de hare mocht noemen en de rest met zo goed als lege handen bleef zitten. Niet dat dat mij erg veel verdriet deed, ik wist mijn verlies manmoedig te dragen. Mijn prijsje was een boekje over mijn dierenriemteken en met welk sterrenbeeld het zich het best kon verbinden. Ik zocht natuurlijk direct het teken waar Gade onder was geboren. Het boekje vertelde mij dat wij de ideale combinatie vormden: wij zijn dol op denken en praten en verderop lees ik letterlijk jullie twee dringen meteen door tot de kern van de zaak: wat is kunst? Bestaat God? En ik moet geduld koesteren want haar beeld staat er bekend om allerlei zaken zorgvuldig te willen overwegen en te heroverwegen. Hoe weet zo’n boekje dat toch?
Het mooiste prul van de avond was een spiksplinternieuwe deegroller. Nog nooit gebruikt. Ook nu aasde geen van ons op het bezit van de deegroller die ingebracht was als geschenk omdat de inbrenger zelfs twee deegrollers had en geen van beide ooit gebruikt had. Wie uiteindelijk de deegroller tot de zijn of hare mocht noemen, kan ik met geen mogelijkheid terug halen. Wel de unanieme beslissing dit exemplaar aan de tierig welende vlammen in de houtkachel prijs te geven. Nooit geweten een deegroller zo goed brandde en zo bijdroeg aan de knusheid van het heerlijk avondje.

Nog geen reacties op dit bericht

Reünie

Ik heb het niet zo op reünies. Eigenlijk koppel ik dat zinnetje maar aan één reünie. Jaren geleden was ik op een reünie van mijn middelbare school. Een school waar ik met het grootste plezier aan terugdenk. De bijeenkomst was groots opgezet en vol verwachting had ik mij dan ook ingeschreven, benieuwd naar wie ik van mijn oud-klasgenoten zou treffen, herinneringen ophalen en  anekdotes vertellen uit die goede oude tijd die inmiddels decennia achter mij lag. Het was een drukke reünie, maar ik was de enige van mijn jaar. Wat er rondliep was veel jonger grut met wie ik geen enkele band meer voelde. In niets zag ook maar iets van mijn eigen HBS-tijd terug. Ik sprak niemand. Ik was de enige van de klas van 1963. De reünie werd een kras op mijn herinnering.
Met veel meer plezier denk ik terug aan de bijeenkomsten die de klas Cultureel Werk van 1968 van mijn Sociale Akademie weer bijeenbracht. Plezierige en gezellige bijeenkomsten waar het sociogram van destijds nog steeds opgeld deed. We waren ouder,maar nauwelijks veranderd. Ik hoop nog steeds dat er volgend jaar het tiende lustrum van ons afstuderen ons nog een keer bij elkaar brengt. Dat zal dan, gezien de leeftijd, wel de laatste keer worden, maar het zou mooi zijn als het er nog een keer van zou komen.
Vandaag gaf ik gehoor aan de uitnodiging voor een afscheidsreceptie. De chauffeur van de burgemeester ging met pensioen.Hij was in en om het stadhuis en gekend en geliefd persoon, een goede collega waar ik uit hoofde van mijn werk voor de burgemeester geregeld mee van doen had. Ik wilde hem per se de hand drukken en wensen dat hij nog veel zou kunnen genieten. De vier burgemeesters die hij had gereden waren alle vier aanwezig en verder heel veel collega’s van destijds. Ik sprak nog kort met een paar van mijn oude bazen en meer nog mijn oud-collega’s. En ik voelde weer hoe thuis ik mij had gevoeld in de vijfentwintig jaar dat ik daar mijn dagen sleet, ontvangsten organiseerde, de pers te woord stond en teksten schreef. Een receptie die een van de leukste reünies werd ooit meegemaakt. Even kwam het verleden weer heel erg tot leven. Een mooi leven, een mooi voorbij ambtenarenbestaan.

Nog geen reacties op dit bericht

Epo

Eind oktober kreeg ik de uitnodiging om op 5 december weer eens langs te komen bij de polikliniek interne geneeskunde van het Canisius Wilhelmina Ziekenhuis. Ik kreeg ook de vriendelijke groeten van de medewerkers. Dat stond tenminste onder aan de brief. Het tijdstip van verschijnen beviel mij minder. 9:00 uur, voor mij toch zo iets als een tijd in het midden van de nacht of in ieder geval onder normale omstandigheden, als er niet iets anders in mijn tamelijk lege agenda staat, de tijd dat ik overweeg op te staan. Maar goed ik wil Dr. V niet laten wachten. Blijft de vraag hoe naar het ziekenhuis te reizen. Door een nog donkere nacht op mijn driewieler lokt mij niet. Natuurlijk weet ik ook wel dat het dan zachtjes licht begint te worden. De auto dan? Levert soms op de overvolle parkeerplaats een eind lopen op. Lopen dat geen pretje is. Dus de bus. Stopt zo goed als bij mij en het ziekenhuis voor de deur. En zo vind ik mij op  sinterklaasochtend om 8:10 uur terug in lijn 8 richting Hatert en meld mij keurig op tijd bij balie 2b, waar ik verwezen wordt naar wachtkamer 1 van Poli A 70. Einde puzzeltocht. Dr. V haalt mij na een tijdje op. Dr. V vraagt hoe het met mij gaat. Ik vraag of hij de lange of de korte versie wil. “Wat u kwijt wilt.” Het liefst natuurlijk een handvol van mijn kwalen, maar dat is niet aan de orde. Dr.V is tevreden. De nieren zijn al lang niet meer optimaal, maar in die situatie fraai stabiel, hollen niet achteruit. De bloeddruk zou wat hoger mogen. Waar hoor je dat nou nog en ik heb een zeer lichte vorm van bloedarmoede, maar niet zo erg dat tot de toediening van EPO overgegaan zou moeten worden. “Nee, u hoeft uw aspiratie om de Tour de France nog eens op uw driewieler mee te fietsen niet weg te doen. Voorlopig zullen ze u daar nog niet op EPO kunnen betrappen.” Opgelucht haal ik adem. Ik houdt geen bucketlist aan, anders had ik de Tour de France er zo opgezet.
Ik mag over een paar maanden weer op controle komen.

Nog geen reacties op dit bericht

Alweer

Eigenlijk had ik gehoopt er voorgoed vanaf te zijn. Wat mij betreft kan 5 december de zelfde status krijgen als, om maar iets te noemen, 24 april of 12 september. Data die voor sommige mensen natuurlijk een bijzondere betekenis hebben omdat het mogelijk hun trouwdag is of de dag dat hun vader stierf, maar waar verder geen lokale, nationale, laats staan internationale verplichtingen aan verbonden zijn. Dat die niet extra gevierd hoeven te worden, tenminste niet meer dan dat elke dag die je toevalt gevierd moet worden.
Maar toch is het, hoe zeer ik het ook zou willen,  kennelijk niet mogelijk om Sinterklaas stilletjes mijn huisje voorbij te laten rijden. Voor mij zou de eetafspraak met vriendinnen op 5 december genoeg cachet aan deze dag geven. Desnoods met bij de koffie na de maaltijd een stukje gevulde speculaas, eventueel een letter van banket en vooruit dan maar ook nog even samen gezongen dat de stoomboot er aan komt. Dat alles ware mij Sinterklaas genoeg. En de Pieten mogen wat mij betreft alle kleuren van de regenboog hebben of zwart of wit zijn. In het voorbij gaan zal ik naar ze zwaaien, als ze maar niet aankloppen of strooien in welke hoek dan ook (koekoek).
Maar nee hoor, ik vind Gade in deze niet aan mijn zijde En zo krijg ik keurig op een gebruikte enveloppe geschreven het rijtje van dingen die mij te doen staan om de 5e december toch weer die oud-hollandsche allure te geven die het al eeuwenlang heeft. Braaf werk ik het rijtje van Gade af, een rijtje waarin nauwelijks sprake is van eerlijk zullen wij alles delen. Ik doe de gevraagde aankoopjes, treed op als ghostwriter voor de Goedheiligman.
Nee, voor mij hoeft dat allemaal niet meer zo. Maar wat mij nog het meest ergert is, dat ik morgen als de avond voorbij is en ik toch weer meegezongen heb met het afscheidslied dag Sinterklaasje, ik zal moeten toegeven dat het toch een heerlijk avondje was, avondje van Sinterklaas.

Nog geen reacties op dit bericht

Middag

Buiten drenzelt de middag de avond in. Een middag die qua licht niet echt de kans kreeg een middag te worden. Herfst op zijn best, of zijn slechtst. De lucht is vocht.
Het is een paar uur eerder. Ex belt. Of we zin hebben in koffie. Dochterlief en haar vriend met zijn kinderen zijn er ook. We komen. Ik vertel dat Zoonlief en vrouw mij nog bellen om mogelijk op de koffie of thee te komen. Als we bij Ex zijn belt hij. En ja, zij komen ook naar Ex, zijn moeder. Onverwacht de hele extended family bij elkaar. Zondagochtend op zijn best. Buiten motregent het, herfst op zijn best of zijn slechtst. De lucht is vocht.
Weer thuis. Nog een hele zondagmiddag voor de boeg. Het voetbalprogramma op Fox is te saai om lang te boeien. Hilversum 4 opgezet. Mijn boek gepakt. Gade heeft de houtkachel aangestoken. Ik in de luie stoel, zij op de bank. Samen in de eigen wereld van wat we lezen. Zij ergens in het Engelse platteland, ik in IJburg. Werelden van verschil die samen komen in een warme woonkamer. Het lezen en de kachel maken soezerig. Ik droom weg, droom mijn eigen vervolg aan wat ik net las. Na drie keer leg ik het boek naast me. Even dutten. Zo’n zondagmiddag, die verglijdt, uur na uur, kwartier na kwartier, minuut na minuut.
Ik lees verder, lees hoe een huwelijk meer en meer afbrokkelt, weg drenzelt door het afvoerputje. Niet meer te redden, hoe de auteur ook probeert haar man terug te schrijven. Hopeloze poging.
Ik haal nog wat blokken uit het houthok. Het motregent, herfst op zijn best of zijn slechtst. De lucht is vocht.
Het vuur doet zijn best buiten te vergeten. Vlammen door een beroete ruit. De kat rolt zich op en koestert zich in de warmte voor de haard. Buiten is de middag de avond in gedrenzeld. Een middag die qua licht niet echt de kans kreeg een middag te worden. Herfst op zijn best, of zijn slechtst. De lucht is vocht.

1 reactie op dit bericht

Geurtje

Het was jaren geleden. Op de boot naar Engeland. Een vakantie in de jaren 90 van de vorige eeuw. Natuurlijk was er aan boord van de ferry ook een  taxfree-winkel waarvan je het vaak onterechte idee had dat daar alles goedkoper was dan op het vasteland. Maar acht, het is vakantie. Het was daar dat ik in nauw overleg met Gade, die toen nog lang niet officieel mijn gade was, een flacon aftershave van het merk Opium pour Homme van Yves Saint Laurent kocht. En dat werd vanaf dat moment mijn geurtje. Een geurtje dat niet alleen mij beviel, maar ook zeer gewaardeerd werd door Gade. En ook van anderen kreeg ik geregeld te horen dat ik aangenaam rook. Bevestiging alom dus. Wat wil een mens nog meer? Jaren daarvoor had ik bij de lessen sociale filosofie op de Akademie over Anna Terruwe al geleerd dat de mens, als sociaal wezen, dringend behoefte heeft aan bevestiging en onbaatzuchtige liefde. In haar eigen woorden: “Mensen die elkaars goed-zijn schouwen, laten elkaar het goede voelen”. Haar bevestigingsleer koppelen aan een flesje aftershave, wat is er in een blog toch veel mogelijk.
Jarenlang gebruikte ik dus die aftershave totdat ik bij de parfumerie te horen kreeg dat meneer Saint Laurent geen Opium aftershave meer brouwde. En was toch een geurtje dat onlosmakelijk aan mij verbonden was er waar ik geregeld mee gecomplimenteerd werd.
Ik kocht, weer in overleg met, inmiddels officieel, Gade een ander geurtje. Iets van Boss. Aardig, maar het kon bij lange na niet tippen aan het ooit zo vertrouwde Opium. En toen de Boss op was, ging ik, weer in goed overleg, over op Sauvage van Dior. Maar eenmaal aangebracht vond Gade dat toch een te wilde, te nadrukkelijke geur, die zij helemaal niet bij mij vond passen. Zo hoorde ik niet te ruiken. Feromonen die, vond Gade, mij vreemd waren. En dat horende bleef het flesje ongebruikt in een hoekje van de wastafel gesloten staan. Beter geen geurtje, dan een bij je lief weerstand oproepend geurtje.
Vanmiddag kwam Gade terug uit de stad. Met een cadeautje, Opium pour Homme. Geen aftershave maar de eau de toilette. Zuiniger op te brengen, maar wel met de mij eigen zo vertrouwde geur. Gade vindt dat ik weer naar mijzelf ruik. Zoonlief wil de zo goed als nauwelijks aangebroken Dior-geur wel proberen. Tenzij zijn lief…

Nog geen reacties op dit bericht