Quiz

Dit is de vijfde keer dat ik een stukje schrijf met deze titel. Ik heb wel iets met quizzen, ik zal de laatste zijn dat te ontkennen. TV-quizzen zijn aan mij zeer wel besteed en ga daar zelfs zo ver in dat er bij zijn die ik opneem als ik de directe uitzending om de een of andere, mar altijd goed, moet missen. Zo heb ik zojuist, het is dinsdag aan het eind van de middag, Twee voor twaalf  van afgelopen vrijdag teruggekeken en had bij allebei de kandidatenkoppels het woord eerder gevonden dan zij! Het leven is mooi!
Het is niet zo dat ik alle quizzen kijk, daar zou ik dagwerk aan hebben. De quiz onder leiding van Astrid Joosten is wel mijn favoriet en ook Met het mes op tafel, nu gepresenteerd door Herman van der Zandt en ooit door Joost Prinsen begonnen mag op mijn voortdurende waardering rekenen. De schreeuwerige producten van de commerciëlen laat ik aan mij voorbij gaan. Teveel reclames en opgeklopte nepspanning die niet echt uitnodigt om als kijker zelf mee te doen. Want daar gaat het bij een goede tv-quiz toch ook om, dat je vanuit je luie stoel het idee krijgt mee te doen. TV is toch ook illusie.
Ik heb drie keer aan een quiz op tv meegedaan. Het was ergens midden in de jaren ’70 dat ik mij opgaf voor Cijfer en Letters, toentertijd uitgezonden door de KRO. Ik werd uitgenodigd voor een voorselectie en zo waar goed bevonden voor deelname aan een uitzending. Die quiz was een mengeling van wat we nu Wordfeud noemen en rekenen. Ik verloor en kwam geen ronde verder. N0g steeds, zelfs na bijna 50 jaar, onterecht, kras op mijn ziel. Ik legde het woord SNOEKEN, mijn tegenstandster overtrof mij met 1 letter met het woord SEKONDEN. Het jurylid Henri Knap keurde dat goed, terwijl dat woord zo niet in ‘Het Groene Boekje’ te vinden was. Mijn troostprijs was een ‘Dikke Van Dale’, die ik in de trein terug mocht meezeulen.
In het seizoen ’92-’93 was ik deelnemer in Ik weet het beter van de EO. Dat werd een lesje in bescheidenheid, want ik vloog er als eerste kandidaat uit. Beloning  een foeilelijk plexiglas prul.
Meer succes had ik een paar jaar geleden bij de quiz Alles Plat van Omroep Gelderland waar dialectwoorden vertaald moesten worden in ABN. Ik won van mijn zoon met wie ik de eerste prijs, een fruitmand eerlijk heb gedeeld.

Nog geen reacties op dit bericht

Test

Wie tussen de regels door kan lezen had bij het vorige blog misschien al kunnen vermoeden dat er wat aan de hand was. Gade voelde zich een paar dagen geleden niet helemaal senang en haar temperatuur was iets boven de 37°. Op zich is dat in deze tijd van het jaar niet ongebruikelijk, de herfst breekt aan en zorgt, zelfs als er sprake is van een ‘indian summer’,  dan vaker voor een licht griepje of fikse verkoudheid. “Het heerst”, zeggen we dan. De griepprik is nog niet gegeven dus het lijf moet het op eigen kracht doen, het eigen immuunsysteem moet aan de slag. Maar in deze tijden van toenemende besmetting brengt zelfs een licht kuchje wat onrust met zich mee. Onrust die je doet afvragen of een test toch niet verstandig is. Gade maakt een afspraak. Op enige overzienbare tijd is de rit naar een testlocatie in Uden de snelste mogelijkheid. Op naar Uden en dan wordt het afwachten. Het virus lijkt nu al maanden lang als een zwaard van Damocles boven de hele mensheid te hangen en op zo’n moment lijkt het zijden draadje waar het aanhangt dunner en dunner te worden. Je wilt er niet aan denken dat het draadje zal knappen en het zwaard je zal splijten.
Het is vrijdag als de test wordt afgenomen op een industrieterrein, waar een tijdelijke testfabriek is ingericht en Gade te horen krijgt dat de uitslag er binnen twee, hooguit drie dagen zal zijn. Als het meezit zou dat nog net voor haar verjaardag zijn, misschien ook net niet. Nu waren er toch al geen grootse verjaardagsvieringplannen, want we houden ons hoe dan ook aan de RIVM-regels. In afwachting van de uitslag gaat Gade keurig in quarantaine. Zoonlief doet boodschappen voor ons. Op zondag komt het bericht, de test is negatief. Ter verduidelijking staat in het mailtje dat dat betekent dat Gade geen corona-besmetting heeft. Het zwaard lijkt wat steviger aan het plafond te hangen. In zeer kleine kring viert Gade vandaag haar verjaardag. Lang zal ze leven!

1 reactie op dit bericht

Indringster

Ik zit er niet op te wachten maar misschien moet ik er ook ooit aan geloven.  Gelukkig is ons huis groot genoeg om elkaar redelijk te mijden, hoe ongezellig dat ook is. Maar of we daarmee het virus buiten de deur houden is nog maar zeer de vraag. We kunnen best eens fantaseren over een ménage à trois, en dan heb ik het niet over me, myself and I. Maar zeker ook niet over Corona als ‘Dritte im Bunde’. En toch gedraagt zij zich als een opdringerige dame die zich overal thuis lijkt te voelen en ongegeneerd zonder onderscheid te maken op bezoek komt. Corona trekt zich van niets en niemand iets aan. En trekt haar verwoestende spoor. Daar helpt geen testen aan. Van testen gaat corona niet weg. Daarvoor gedraagt zij zich te slim en ik me misschien wel te onvoorzichtig. Ik temperatuur mij elke dag en hang keurig rond de 36.5°, was wat vaker mijn handen en als ik af en toe moet niezen doe ik dat keurig in mijn elleboog. Ik hoop van harte dat corona dat allemaal begrijpt en mij zal overslaan.  Maar misschien is het ook wel zo dat corona denkt dat al die voorzorgsmaatregelen voor iemand als ik maar weinig soelaas bieden en ik een te gemakkelijke prooi ben om te versmaden. Ik lijk een verzamelaar van onderliggend lijden. Daar is overigens in een aangepast tempo uitstekend mee te leven. Waar ik wel tegen opzie is de test zelf. Dat gewroet in neus- en keelholte lijkt mij nu echt geen pretje. Maar dat dacht ik jaren geleden ook van het geregeld moeten spuiten van insuline. Dat bleek een fluitje van een cent te zijn.
Het was mijn vader die mij leerde dat de mens het meest lijdt van het lijden dat hij vreest en nimmer op komt dagen, zo heeft hij meer te dragen dan God te dragen geeft.
Schrale troost, maar alle beetjes helpen.
P.S.
Vandaag is mij zoon jarig en hij heeft er voor gezorgd dat eventuele reactie weer voor iedereen te zien zijn. Toch mooi dat ik 47 jaar geleden mijn eigen helpdesk verwekt heb.

Nog geen reacties op dit bericht

Emily

Afgelopen zaterdag hoorde ik het Harm Eedens zeggen: “Een goed cliché gaat jaren mee”. Ik weet niet of hij dit zelf heeft verzonnen of dat het hem door een van zijn redacteuren is ingegeven, maar ik denk dat het een waarheid als een koe is. Een waarheid die in kwaliteit aanleunt tegen de opmerking dat een tekst beter goed gejat kan zijn, dan slecht verzonnen. Dus dan doet het er niet of Eedens het zelf verzonnen heeft of dat hij zijn uitspraak van iemand anders ‘geleend’ heeft.
Vanmiddag heb ik kennis gemaakt met de Netflix-serie ‘Emily in Paris’. Nu de tweede golf ons weer overspoelt is het heerlijk, althans vind ik het heerlijk, om even weg te suffen bij zo iets onbenulligs, maar wel onderhoudend als deze gladgemaakte productie. Een halfuurtje tv waarin het nou eens niet gaat over het virus. Zoals gebruikelijk ga ik het verhaaltje hier niet navertellen. Daarvoor is het te dun en inhoudsloos, enig denkwerk is overbodig. Heerlijk. Bovendien zegt de titel al precies waar het overgaat, een jonge Amerikaanse aan het werk in een in haar ogen onberispelijk Parijs op zijn mooist. En zoals Nederland voor buitenlandse bezoekers vooral bestaat bij de gratie van molens, klompen, kaas en Hansje Brinker, zo wordt Parijs en zijn bewoners hier neergezet als oelala, baretten, Eiffeltoren, Opéra, terraszitters en te laatkomen. Geen cliché wordt niet gebruikt en wel zo opzichtig dat je niet anders kunt dan er doorheen kijken. En wat dat blijft is een verlangen dat je weer vrij mag reizen, uitstappen bij Gare du Nord en je die ober herinneren die als hij denkt door te hebben waar je vandaan komt je toevoegt dat hij ook in Nederland is geweest en als ik vraag waar hij glimlachend antwoordt: “Stuttgart”. Het Franse accent moet u er zelf bij denken.
Ik zat ooit in het bestuur van een internationale organisatie die in Franse hoofdstad vergaderde. Geregeld wandelde ik door Parijs. Nu wandel ik aan de hand van Emily op de bank voor de tv nu weer door Parijs. Van Franse zijde is veel commentaar pde overdaad aan clichés. Ik geniet van de plaatjes.

Nog geen reacties op dit bericht

Bij wijze van blog.

Afbeelding kan het volgende bevatten: 1 persoon

Nog geen reacties op dit bericht

Politiek

Op dit moment is de vergadering van de Tweede kamer voor twee minuten geschorst. De voorbije uren heb ik de debatten gevolgd over hoe de politiek tegen het virus aankijkt. Het was niet anders dan anders. Er werd vooral voor eigen parochie gepreekt en via soms meer, soms minder steekhoudende interrupties probeerden de dames en heren afgevaardigden elkaar te slim af te zijn en riepen daarbij de hulp in van Fatima en Ahmed, van Henk en Ingrid  om hun argumenten kracht bij te zetten en daarmee het idee te geven dat men oprecht bezorgd was  voor iedereen, ook voor Roelof en Klaaske uit Staphorst aan wie het volgens de afgevaardigde Van der Staaij toch niet verweten kon worden dat een te volle kerk voor een piek aan besmettingen had gezorgd. Naast deze zes personen werd er vaker iemand ten tonele gevoerd om het eigen betoog te illustreren. Geert Wilders was zelfs helemaal naar Schiedam afgereisd met een bos bloemen en wat bonbons om daar een oude mevrouw te te troosten die hem in een handgeschreven brief had duidelijk gemaakt dat zij opzag tegen het moment dat een geplande operatie toch weer uitgesteld zou worden. Klein persoonlijk leed etaleren voor eigen politiek gewin. Waar alle ellende aan te wijten was werd in de loop van zijn bijdrage en latere interrupties glashelder. Als Asscher toen hij vice-premier was ( Opa vertel nog eens over vroeger) niet die karrevrachten buitenlanders (lees niet-westerse allochtonen) had toegelaten dan waren nu de IC’s niet vooral door dat soort mensen bevolkt. Knap hoe sommige politici elk probleem zo eenduidig kunnen versimpelen zonder een echte oplossing aan te dragen of te suggereren. De hele middag denderde de suggesties over elkaar heen met als terugkerend thema  “waarom niet?” Iedere spreker lijkt het beter te weten dan de ander. De een vindt dat het vliegen verboden moet worden, de slachthuizen dicht moeten, de ander wil vaart achter de snelle test zetten zodat evenementen en verjaardagen weergevierd kunnen worden. Wensen, wensen ,wensen. Maar oplossingen? Tsja, politiek hè.

Nog geen reacties op dit bericht

Steunconsumptie

Over een paar uur begint de persconferentie waarop nadere maatregelen ter bestrijding van het virus bekend gemaakt zullen worden. Via mijn digitale krant krijg ik nu al te lezen welke kant het zal op gaan. Duidelijk wel is dat de wereld weer en beetje kleiner zal worden en dat als het aan het kabinet ligt er minder bewegingsvrijheid komt. Allen nog maar met het OV als het echt niet anders kan en de gang naar café of restaurant is niet meer nodig want die zijn gesloten. Het kan best eens zo zij dat voor een aantal van die zaken het een definitieve sluiting betreft. De rek is er uit.
Gisteravond kwamen de eerste vermoedens welke kant het op zou gaan naar buiten. Op de een of ander manier maakte mij dat heel erg boos. Natuurlijk begrijp ik dat er nadrukkelijker ingegrepen moet worden. Het zij zo en voor mij maakt het niet zoveel uit. Ik ben het thuiszitten als sinds jaar en dag gewend en kan mij daar heus wel in schikken. Maar ik heb makkelijk praten. Keurig op tijd krijg ik mijn pensioen en AOW uitbetaald, maar ik maak mij zorg om al die mensen die hun baan dreigen te verliezen els dat al niet gebeurd is. Ik denk aan al die mensen werkzaam in kunst en cultuur die nauwelijks  podium, noch publiek meer hebben.
Bij mij in de straat is op de hoek een paar weken geleden een koffiecafé geopend. Een jonge vrouw die met veel ambitie en vertrouwen daarmee begonnen is. Gisteren lunchten Gade en ik er en wij besluiten vandaag dat weer te doen. Als een soort steunbetuiging, nu het nog kan. We zijn even vergeten dat dinsdag de sluitingsdag voor haar eetgelegenheid is. Jammer. Maar even verderop is een soortgelijk etablissement. De mosterdsoep voor mij en de uiensoep voor Gade smaken uitstekend. Morgen zal die zaak ook voorlopig dichtgaan, ook al is er geen druppel alcohol te krijgen en sluit zij normaal ook al om 18.00 uur. Maar uitzonderingen worden niet meer gemaakt. Horeca=horeca en dicht=dicht. Ik bestel nog een kop cappuccino als een pover blijk van ondersteuning. Het blijft hopen op betere tijden.

Nog geen reacties op dit bericht

Wat dan als?

Ik vraag me wel eens af waar we het nu over zouden hebben als er geen virus was dat we nog niet in bedwang hebben. Sinds 13 maart lijkt er geen dag, ja zelfs geen uur geweest te zijn waarop niet op de een of ander manier corona, covid-19 aan de orde kwam. Voor mij begon het met het niet naar het etentje te gaan waar mijn dochter ons voor haar verjaardag had uitgenodigd. Om elk risico te vermijden togen wij niet naar ‘s-Hertogenbosch, ook al wisten we toen nog nauwelijks wat er aan de hand was, letterwoorden als RIVM en OMT nog betekenisloos waren, het nog niet zo was of er op elke hoek van de straat een elkaar tegensprekende  viroloog leek te wonen en Irma Sluis nog in betrekkelijke anonimiteit haar werk kon doen tot zij het woord hamsteren in gebarentaal vertaalde.
Het is een vraag die vaker bij mij opkomt, wat dan als? Soms lijkt dat eenvoudig te beantwoorden. Als er geen virus had rondgewaard dan hadden we het waarschijnlijk bijna elke dag gehad over  de Olympische Spelen in Tokio die nu niet doorgingen of als het zover was hadden de lokale krant weer bol gestaan van de Vierdaagse met zijn obligate berichtgeving en al jaren dezelfde foto’s daarover en hadden op Prinsjesdag in Den Haag de rijen weer driedik langs de route van de koets met de koning en koningin gestaan. Nu berichtte het sportkatern van de krant alleen maar over lege stadions en besmetting, ging de Vierdaagseweek stilzwijgend voorbij en misten we het ritueel van het driemaal gescandeerde hoera voor de koning door de voltallige  vergadering der Staten-Generaal.
Ik stel mij wel vaker de vraag wat dan als? Wat deden we met de avonden toen er nog niet in elk huis een tv was, wat deden we toen er nog geen supermarkten waren. En zo zijn er oneindig veel zaken die je je kunt afvragen, wat dan als? Als antwoord kun je uit je herinnering putten en luisterde je naar de bonte dinsdagavondtrein op de radio of moest je om 7 uur naar bed omdat je nog te klein was om langer op te blijven. En boodschappen deed je moeder bij de slager, die naast de bakker woonde, tegenover de melkboer en de kruidenier.
Waar we het over zouden hebben als er geen virus zou zijn? Morgen is weer een persconferentie. Het is duidelijk waar het voorlopig over zal gaan.

1 reactie op dit bericht

Tussentijd

Dit weekend is het weekend van de waarheid. Een tussentijds evaluatiemoment aan de hand waarvan beslist zal worden of de diverse maatregelen gehandhaafd zullen worden of strakker worden aangetrokken. Van versoepeling zal in ieder geval geen sprake zijn. Daarvoor tiert het virus nog te welig. Men lijkt langzaamaan te wennen aan  de mores van deze tussentijd. Want zo wil ik deze periode benoemen. Het is een tijd tussen wat was en wat zal komen. In heel veel, maar ook in niets, lijkt het op de tijd die was en waarvan ik het vermoeden heb dat die nooit meer zal terugkeren. Er komt een generatie die zich niet kan voorstellen dat het gewoon was dat men bij eerste kennismaking handen schudde, dat men buiten geen mondkapjes droeg en dat je ooit meer dan drie gasten thuis mocht ontvangen. Maatregelen die nu de tussentijd beheersen, maar dan gemeengoed zullen worden. Knuffelverboden zullen dan streng gehandhaafd worden, elkaar aanraken is uit den boze, behalve een vluchtige touchering van elkaars elleboog bij wijze van groet. En dan zal ieder de anderhalve meter grens als een natuurlijk gegeven aanvaarden en is het plaveisel overal voorzien van strepen op 150 centimeter van elkaar en niemand durft het te wagen die grens te overschrijden. Alles en iedereen kan in de gaten worden gehouden. Alles en iedereen wordt in de gaten gehouden. In deze tussentijd wordt ons langzaam geleerd hoe het straks, ooit, zo, binnenkort, over een tijdje zal zijn. Nu al hangt bij de deur van de slager, de groenteboer en de bakker een mededeling hoeveel klanten er tegelijkertijd in de winkel mogen zijn die voor het binnengaan hun handen hebben gedesinfecteerd en die bij thuiskomst die ook weer onmiddellijk zullen wassen.
Deze tijd ervaar ik als een tussentijd naar de tijd dat we niet beter meer zullen weten. Dat het nieuwe normaal gewoon is geworden. De tijd dat we blij zullen zijn als de avondklok een dag per week ingetrokken wordt en er één zondag per maand is waar je met wel 50 mensen in plaats van de dan maximaal 30 samen mag komen.
George Orwell dacht dat het in 1984 zo ver zou zijn. Wij weten dat het 2020 is.

Nog geen reacties op dit bericht

Over mijn lijk

Het voelt altijd prettig om tot het kamp van de winnaars te behoren. Nog mooier is het om zelf winnaar te zijn, maar dat is maar sporadisch voor mij weg gelegd. Winnaar ben ik hooguit bij een spelletje ganzenbord of een partijtje golf. Maar wanneer speel ik nog ganzenbord en het mij zo geliefde golfspel beoefen ik al jaren niet meer. Maar soms mag k mij tot de winnaars rekenen.
Ik keek gisteren naar de uitreiking van de 55e Televizierring. Een prijs niet voor het beste, maar populairste tv-programma. Via een mij niet bekende voorselectie bleven er drie programma over als genomineerd. Twee van de drie had ik slechts kort in het voorbijgaan gezien. Dat was “De beste zangers”, een titel die de inhoud lang niet altijd dekte en waar ik mij niet altijd bekende zangers elkaar uitbundig hoorde toejuichen en tot tranen geroerd zag worden. Het kon mij niet boeien. De andere mij onbekende genomineerde kanshebber op de ring was de zoektocht van een Volendams trio naar Simon & Garfunkel. Ik weet niet of zij elkaar gevonden hebben, ik heb er geen minuut van gezien. De programmaserie die ik wel met veel belangstelling heb gevolgd en die mij diep geraakt heeft was “Over mijn lijk”. Er is geen aflevering geweest die ik met droge ogen heb kunnen bekijken. Ze zeggen dat met het ouder worden er iets met je frontaal kwab gebeurt dat iets met je emoties doet en de tranen losser laat zitten. De serie loopt al jaren, de laatste tijd gepresenteerd door Tim Hofman.  “Over mijn lijk” zette mij elke uitzending weer aan het denken, meer nog aan het voelen. De moed van de jonge mensen die letterlijk met de dood in de schoenen liepen bemoedigde mij. Maar soms voelde ik mij ook boos en vond ik het onredelijk dat die jonge mannen en vrouwen met nog een toekomst voor zich die niet zouden meemaken. En ik, oude krakkemik, mag er nog steeds zijn.
Er was een  deelneemster waar ik menig traantje om heb gelaten. Lotte, een stralende moeder van twee kleine meiden, zo mooi.
Alleen al om haar heb ik gestemd op “Over mijn lijk”, het winnende programma.

Nog geen reacties op dit bericht