Ouderdom

We worden te oud en we houden niet van oude mensen. Dat is de simpele en zonder enige opsmuk gebrachte verklaring voor de misstanden in heel veel verzorgingshuizen. Die verklaring komt niet uit mijn mond, maar wordt met verve gedebiteerd door Bert Keizer, filosoof en verzorgingshuisarts Bert Keizer. Op de radio hoorde ik hem dat vanochtend vertellen. Maanden geleden las ik zijn boek “Tumult bij de uitgang”, dat ook ging over zijn opvattingen over ouder worden en doodgaan. Bert Keizer houdt er van man en paard te noemen en ook nog eens de koe bij de horens te vatten. Dat leidt tot klare taal en heldere uitspraken.
Ik hoor Bert Keizer zeggen dat het menselijke genoom van nature geprogrammeerd is op een leeftijd van 38 tot 42 jaar. En daar hebben we hier in Nederland door goede zorg en wat dies meer zij maar liefst zo’n 40 jaar bij kunnen peuteren. Maar daar betaal je wel een prijs voor. Mensen die vroeger op tijd doodgingen kunnen nu vaak sukkelend hun bestaan rekken. Maar, nog steeds volgens Bert Keizer, wij houden niet van oude mensen. Dat past niet in ons straatje, dat past niet in onze cultuur. En daarom stoppen we oude en verzorgingbehoefende mensen weg in een verzorgingshuis met liefdevol maar laaggeschoold personeel. Er is meer geld nodig, is Keizers pleidooi, om die mensen beter op te leiden en de aandacht te geven die nodig is. Het landelijke beleid staat daar haaks op, zegt hij. Het is steeds moeilijker in een verzorgingshuis opgenomen te worden en tegelijkertijd wordt de thuiszorg afgebroken.
Op de tegenwerping van de radiopresentator dat in andere culturen de mensen wel goed voor hun ouderen zorgen is volgens Keizer te verklaren door het feit dat in die culturen de ouderen wel op tijd doodgaan en er maar een enkele oudere oud genoeg wordt om verzorgd te worden.
Dat we niet van ouderen houden is niet onze schuld. Dat is evolutionair bepaald. Op zich is dat niet erg. Wie de jeugd heeft heeft de toekomst en ouderen zijn alles behalve de jeugd, laat staan de toekomst. Maar, zegt Keizer, dat betekent niet dat we hen straffeloos aan hun lot kunnen overlaten.
Ik voel me gerustgesteld en nu al en straks zeker geborgen.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *