Tikfout

Het overkomt mij geregeld. Ik schreef er al eerder over. Mijn typekunst legt het af tegen mijn woordkunst. Gisteren was het weer eens zo ver. Er waren twee tikfouten en een taalfout in mijn stukje blijven staan. Ik werd daarop gewezen door een van mijn trouwste lezers, maar in zijn reactie was hij gelukkig ook niet helemaal foutloos. Zijn hoofdlettergebruik was niet volgens de regels en ook hij sloeg in een woord een letter over. Zo werd het toch iets van de pot die de ketel…
Tikfouten, daar kan ik mij niet zo druk over maken. Die moet mijn lezer maar voor lief nemen en die verlenen mijn stukjes een zekere authenticiteit. Mijn handschrift in een getikte tekst. In het stukje van gisteren vergat ik een ‘t’ in een zinnetje over het optreden van Ad Visser.  Hing waarschijnlijk samen met mijn wens dat zijn bijdrage beduidend korter zou zijn dan dat die was. Dat ik daarom onbewust ‘treedt’ had verkort tot ‘treed’.  Wankel excuus voor een taalfout. Maar ik ben niet de enige. In het blad ‘Onze Taal’ van een paar maanden geleden schrijft Joop van der Horst in zijn column dat hij teksten van zijn hand vaak 6 keer overleest, die tekst nog eens door drie anderen laat lezen en toch ziet hij dan tot zijn schrik in de uiteindelijk gedrukte versie: “Hij word met blindheid geslagen.” Ik lees mijn tekst twee tot drie keer over, en de letterblindheid treft mij ook. Te vaak schreef ik ‘ik wordt’ en las er even te vaak overheen.
Soms heeft een tikfout zijn eigen charme. In mijn stukje van gisteren liet ik de directeur van een museum aan het woord. Zij ontvouwde de plannen voor de toekomst van haar museum. Zij had het over de vooruitzichten. En over de moeilijke tijden die er voor kunst en cultuur in het verschiet liggen. Toen ik mijn tekst terug las, zag ik dat ik ‘vooruitzuchten’ had getypt. En ook al was dat dichterbij de waarheid dan vooruitzichten, ik heb het toch maar gewijzigd.

Een reactie op Tikfout

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *