Bezoek

Graag had ik hier een uitgebreide beschrijving gegeven van de prachtige omgeving waar wij ons bevinden. Maar de omgeving heb ik nog niet verkend. Ik ben nog niet verder geweest dan de twee terrasjes die ons huisje heeft. En dat zijn al hele expedities, waarbij ik me voortbeweeg met behulp van rolstoel en looprek. Vanuit het ene terras kan ik de Waddendijk zien, het andere kijkt uit op het silhouet van het dorpje Weinaldum, waarvan ik de torenklok kan horen.
Ik slaap nog steeds gescheiden van Gade. Een wankele bank dient mij tot rustplaats. Er is een extra matras opgelegd, maar halverwege de nacht, nauwelijks in mijn eerste slaap kukel ik bijna uit mijn sponde. De extra matras wordt verwijderd. Ik sluimer verder in wat zo romantisch een kermisbed wordt genoemd, maar nu niet echt garant staat voor een verkwikkende nachtrust.
In de middag hebben we bezoek gehad. De eigenaar van ons huisje was in de buurt en kwam even kennismaken. De eigenaar is predikant. Het gesprek rolde dan ook onontkoombaar in de richting van mijn eigen kerkelijke verleden. De dominee is van de rekkelijken. Ik vraag hem of hij niet even een wonder kan doen. Zo eentje in de sfeer van “Neem u bed op en wandel.” Hij antwoordt dat in dat geval alleen mijn geloof mij zal kunnen redden. En dat zie ik niet een, twee, drie gebeuren. En we praten verder over vrijheid, inspiratie, wettisch denken, dogma’s en bezieling. Het gesprek gaat bijna een pastorale kant uit. En zo wordt het kennismakingsgesprek veel meer dan dat. Het wordt een aanscherping van gedachten, het gaat even over godsbeelden, beleving en gemeenschap. En weer vraag ik mij af hoe weinig ik eigenlijk van het geloof weg ben. De vraag stellen is hem beantwoorden, maar ik wil het antwoord niet horen, nog niet. Zeker niet als het antwoord gemonopoliseerd wordt door het instituut. Ik heb nu tijd genoeg om na te denken. Ben benieuwd waar ik uitkom.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *