Boris

Het gaat slecht met Boris. Boris is de kat van de vriendin met wie mijn broer tot zijn dood samen was. Ik had Boris lang niet meer gezien, maar nu ging ik weer eens bij zijn bazinnetje langs. Ik schrok. Boris is 16 jaar. Mijn broer is nu bijna 14 jaar dood. Dus Boris heeft mijn broer ook nog gekend. De kat is nog een schakel tussen mij en mijn broer. Het zal niet lang meer duren en dan is ook die link verbroken. Het gaat slecht met de kat. Op sterven na dood. Graatmager, fletse ogen, mottige vacht en ook nog incontinent.  Ik heb het met de weduwe van mijn broer over de kat en over het finale einde. Over “uit zijn lijden verlossen”en “wat is het beste voor zo’n beestje”. Ze weet nog niet wat ze zal doen. Maar dood huivert weer door me heen, zoals altijd. Van de andere kant is het zoals het is. Dat bevestigt een artikel in de NRC-next van vandaag. Onder de kop “Je kunt maar beter vast wennen aan de dood”schrijft Eva de Valk over het boek van ene Simon Critchley. In zijn boek “Over mijn lijk. Wat filosofen en hun dood ons leren” zegt hij dat we niet moeten vluchten voor de dood, maar hem filosofisch moeten benaderen. Destijds dacht ik al dat ik nooit de 30 zou halen. Het lijkt dus bijna omgekeerd, dat de dood op de vlucht is voor mij. Een paar keer had hij me bijna te pakken, maar op het moment dat ik dacht dat hij definitief zou toeslaan keerde hij om de een of andere reden om. Voor even, dat weet ik ook wel.  Driek van Wissen omschreef het ooit ongeveer als “De tijd komt onontkoombaar nader…”. Of zoals Gade vanochtend zei: “Als de muntzijde het leven is, is de kopzijde de dood. En ook al kijk je alleen maar naar de muntzijde, de kopzijde is er wel degelijk.” “We worden omringd door de dood. Elk vallend blad is het”, zei ze ook nog. We zijn de dag mooi begonnen. Ben benieuwd hoe het met Boris is.

Een reactie op Boris

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *