Dagboek

Mijn krant van vandaag, misschien wel de beste krant van Nederland, raadt zijn lezers aan om in deze bijzondere tijden een dagboek te beginnen. Dat gebeurt dan bij monde van  drie schrijvers die naast hun gewone werk ook een dagboek bij houden. Een dagboek dat, zo blijkt ook uit hun adviezen, toch een soort dubbelleven leidt. Een dagboek schrijf je vooral voor je zelf, maar evengoed wordt het door deze schrijvers gebruikt als bouwstenen voor een boek en soms zelfs worden de dagboekfragmenten gebundeld tot een boek. Ik kan het artikel niet anders lezen dan met mijn eigen bijna dagelijkse schrijfsel in het achterhoofd. Het is een mooie aanleiding om mijn iets meer dan 300 woorden per dag tegen het licht te houden. Volgens mij heb ik een aantal door de schrijvers vertolkte adviezen al zonder dat ik mij dat bewust was opgevolgd. Meestal schrijf ik dicht op mijn huid. Natuurlijk heb ik ook een mening over het wereldgebeuren en soms meen ik zelfs dat ik de oplossing voor grote grensoverschrijdende problemen voor handen heb, maar als ik daarover dan iets  langer nadenk zie ik meestal ook de ander kant van de medaille. De daarop volgende relativering haalt dan direct de stekelige angel uit het betoog dat ik gloedvol had willen houden. Ik ben een mild mens, boosaardigheid is niet mijn sterkste kant, zeker niet als ik schrijf. Dan ben ik meer aardig dan boos, soms zelfs bij het laffe af. Ik polijst dan mijn gedachten. Soms zou ik wat stekeliger willen zijn, maar dat zit er al schrijvend kennelijk niet in.
Mijn stukjes zijn stukjes voor en van alle dag met maar en beperkte houdbaarheid. Soms blader ik door dat archief met nu meer dan drieënhalf duizend stukjes. Soms word ik getroffen door het ergerlijke geneuzel, maar soms verbaas ik ook mijzelf over wat ik teruglees en kan me nauwelijks voorstellen dat ik dat geschreven heb.
“Schrijven is productief gemaakte verveling”, zegt Tommy Wieringa in het artikel. Als er een ding is waar ik een meester in ben dan is het vervelen. Voorlopig schrijf ik door.

Eén reactie op Dagboek

  1. Maria schreef:

    Gelukkig maar Jan. Schrijf vooral door.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *