Draai

Het is een oude wijsheid: Het lichaam reist te paard, de geest komt er te voet achter aan. Maar bij mij is het net of het lijf zich nog moet voegen naar de daagse omstandigheden. Het lijkt wel of het zich nog steeds verzet tegen de snelheid waar het van daar naar hier werd gebracht. Het mankeerde mij aan alles. Darmen, maag, zware benen. Het is of ik mij verzet tegen het bestaan. Ik kan mijn draai nog niet vinden. Maar waar bestaat mijn draai nou eigenlijk helemaal uit. Er is geen werk dat wacht, geen klus die geklaard moet worden. Het is rustig aan het trouwfront, de toespraken voor volgende week zijn geschreven en een ceremoniemeesterschap kost geen enkele voorbereiding meer. Het is nu even wachten op de oproep voor de medische ingreep die mij te wachten staat. Misschien is het daartegen dat het lijf zich pantsert, onbewust te weer stelt.  Natuurlijk vind ik het spannend, maar ik zie er nauwelijks tegenop, denk ik. Wat ik me wel afvraag is of de ingreep zal leiden tot een wezenlijke verbetering van de fysieke toestand. Niet meer zo moe, een weer wat lichtere tred. Dat zou heel mooi zijn. Ik heb groot vertrouwen in de medische stand, nu nog in mijn eigen lichaam.
Mijn vader kon vroeger ook wel eens van die zwartgallige dagen hebben. Maar hij had ook een groot vermogen zich zelf daar weer uit te draaien. Zijn zinspreuk daarbij was dan “Hakken tegen de kont.” Hij maakte daarbij dan die ferme beweging die een illustratie was van zijn uitspraak. Ik moet dat mantra ook meer eens wat vaker zeggen, misschien lijkt het dan in ieder geval wat beter te gaan. En wie weet komen geest en lichaam dan weer langzaam samen en trekken deze reisgenoten weer gezamenlijk op. De enige vraag is wie het tempo bepaalt, het lichaam of de geest, om de gezamenlijke draai in harmonie te vinden.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.