Gijsbrecht

In mijn boekenkast staan in een hoekje weggedrukt een aantal deeltjes van ‘Malmberg’s Nederlandse Schoolbibliotheek’. Pronte titels: Karel ende Elegast,Van den Vos Reinaarde, Het Wederzijds Huwelijksbedrog, Elckerlyc, Lucifer, Beatrijs, Mariken van Nieumeghen en ook Gysbrecht van Aemstel. Allemaal nog uit mijn HBS-tijd. 50 jaar oud. Sommige deeltjes zien er nog akelig onaangeroerd uit. Maar als ik ze doorblader zijn er een aantal toch met aangestreepte passages. En ‘Het Wederzijds Huwelijksbedrog’ lijken we zelfs in de klas gelezen te hebben. Want bij de rolverdeling staan de namen van klasgenoten van destijds. Ik zelf, maar eerlijk gezegd herinner ik mij er niets van, las toen in de klas  de rol van Jan, een verlopen soldaat. De Gijsbrecht ziet er wat gebruikter uit. Nog citeer ik , zij het in een wat aan mijn eigen herinnering aangepast vorm, geregeld “Waar werd oprechter trouw dan tussen man en vrouw ter wereld ooit gevonden.” Als ik het nazoek blijkt het om de verzen 1239 tot en met 1250 te gaan. Uit de rei van Burghzaten.
Gisteravond hoorde ik hem weer opzeggen zoals het moest. Een volle Arnhemse schouwburg genoot van de Gijsbrecht door ‘Het Toneel speelt’. Ik was er met lichte huivering heengegaan. Meer dan een half jaar geleden bestelde ik de kaartjes. Ik wilde de Gijsbrecht zien èn horen. Maar de kritieken waren niet allemaal even mild. Niet echt vernietigend, maar zeker niet juichend. De avond begon goed met een mooie maaltijd met Gade in ‘Mahler’. Op loopafstand van de parkeergarage, op loopafstand van de schouwburg. En daar is de Gijsbrecht in schier zijn volle glorie. De enscenering spreekt mij aan, het decor overweldigt en de acteurs brengen de verzen alsof zij soms ter plekke het rijmwoord verzinnen en niet Vondel dit  bijna 400 jaar geleden al gedaan heeft.
Zonder pauze word ik ondergedompeld in een spannend en tragisch verhaal. Gijsbrecht, de loser, die zijn Aemsterland vaarwel moet zeggen. Een held van niks. Zijn stad naar de verdoemenis, met als enige troost de engelenprofetie  dat zijn stad, “zy zal met grooter glans uit asch en stof verrijzen.” En een wijze vrouw aan zijn zijde. Ook Gade heeft genoten.

Een reactie op Gijsbrecht

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *