Reputatie

Tjonge, tjonge wat genoten we met zijn allen van de tirade die Guy Verhofstadt, hoofdman van de  liberalen in het Europees parlement, afstak tegen een ogenschijnlijk steeds verder in elkaar krimpende Griekse premier Tsípras. Die Verhofstadt, die durfde het nog eens klip en klaar en zonder omhaal rechtstreeks te zeggen. Wat er allemaal fout was gegaan en hoe het allemaal moest. Dat ze, de Grieken en de premier voorop onmiddellijk de BTW moesten verhogen, gelijk met de pensioenleeftijd. Eindelijk eens vuurwerk in dat doorgaans zo saaie parlement. De journaals konden niet genoeg van de herhalingen krijgen, van hoe boos onze Guy wel was en dat die labbekak van een Alexis nu maar eens niet met loze plannen moest komen, maar eindelijk eens de handen uit de mouwen moest steken en de daad bij het woord voegen! Het leek even of Verhofstadt met overslaande stem een standbeeld voor zich zelf aan het uithouwen was. De staatsman van allure schiep hier ogenschijnlijk een monument van retorica voor hemzelf. Jubel alom die mij deed denken aan de Fortuynse tijden. “Eindelijk iemand die zei wat wij dachten,” zei toen een LPF-ster op het journaal. “En wat dacht u dan?” vroeg de interviewer. “Wat hij zei!” was het simpele antwoord.
In de sociale media werd Verhofstadt toegejuicht, bejubeld en op het schild gehesen. Zijn reputatie kreeg mythische proporties.
Ik zag hem ook en vroeg me af af dat nu zo moest, of dat de juiste manier was. Zo ging mijn vader niet met mij om, zo ben ik nimmer toegesproken door een docent of een chef. En was dat wel gebeurd dan had ik mogelijkerwijs mijn hakken nog harder in het zand gestoken.
Vanochtend op de radio hoorde ik een Belgische politicus, Peter Mertens,  wat genuanceerder over Verhofstadts tirade spreken. Verhofstadt lijkt nog al wat persoonlijke belangen te hebben in Griekenland. Belangen die als de Grieken doen wat hij zegt hem geen windeieren zou leggen via een aantal commissariaten die hij bekleedt. En zo iets doet toch afbreuk aan zijn reputatie als kapittelaar van het Griekse beleid. Als je boter op je hoofd lijkt te hebben moet je niet in de zon gaan lopen. Zeker niet de de Griekse.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *