Terriër

Ik woon kennelijk in een buurt die door fondsenwervende instellingen als aantrekkelijk wordt gezien, met dien verstande dat die goede doelen denken dat er hier wel iets te halen valt. Er gaat geen week voorbij of er  staat een frisse jongeman  voor de deur of kijk ik in de stralend blauwe ogen van een jonge vrouw die mij verwachtingsvol terugblikt. In allebei de gevallen starten zij nog voor ik ook maar iets kan zeggen met het opdreunen van hun verkooppraatje, zwaaiend met een onduidelijk identiteitsbewijs dat hen de pseudo-autoriteit van betrouwbaarheid en integriteit denkt te verschaffen. Of het nu gaat om het redden van de laatste rinoceros in een te ver land of een dichtbij dakloze jongere, het stramien is het zelfde. Ik kan mij intekenen voor een korte tijd en natuurlijk altijd weer opzeggen op het moment dat ik dat wil en ik kan het hele bedrag zo goed als helemaal bij de belasting dienst terugvorderen want de stichting is uiteraard een algemeen nut beogende instelling. Meestal laat ik hen hun verhaaltje niet afmaken en wens hen oprecht veel succes bij een volgende buurtbewoner. Ik ben eerder geneigd een paar euro in een collectebus te stoppen dan de handtekening onder een schenkingscontract te zetten. Bovendien hebben wij al vijf, zes goede doelen die op en maandelijkse bijdrage mogen rekenen. Een van die doelen, ik laat in het midden welke, heeft vanochtend bij mij het nodige krediet verloren. De telefoon: “Met Mandy, ik wil u bedanken voor uw maandelijkse donatie, waarmee wij ons werk zo goed, dankzij u kunnen wij heel veel kindjes met kanker of een andere ziekte hun lijden wat draaglijker maken.” Ik word voorgesteld als een redder der mensheid, maar weet dat het uiteindelijk zal gaan om een verhoging van mijn bijdrage. Ik maak duidelijk dat ik dat niet van plan, maar dat doet haar vasthoudendheid alleen maar omslaan in opdringerigheid. Als een terriër bijt zij zich vast. Ik moet weten dat ze ook voor demente mensen gaan werken: “Is dat niet fantastisch!!!” Ik laat mij niet vermurwen. Een laatste poging van Mandy: “Kent u een vriend of familielid die donateur van ons goede doel zou willen worden. En als u nu niemand te binnen schiet, bel ik u volgende week terug voor die naam.” Ik zeg dat zij zich die moeite kan besparen. Foute strategie. Haar hand overspeeld. Te opdringerig, veel te opdringerig.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *