Antitabaksdag

Mogelijk is het u ontgaan maar vandaag is het Wereldantitabaksdag. Niet zo maar een antitabaksdag, maar een werelddag. Dat is niet niks. Eind jaren tachtig van de vorige eeuw geproclameerd door de Wereld Gezondheid Organisatie.
De dag gaat gepaard met de mededeling dat nog maar 1 op de 100 kinderen van 12-16 jaar rookt. Een aantal jaren geleden was dat nog 1 op de 10. In totaal rookt een kwart van de Nederlandse bevolking en mogelijk over een tijdje nog minder als de pakjes tabakswaren niet alleen voorzien zullen zijn van een waarschuwende tekst in zwart-wit, maar ook nog van gruwelijke kleurenfoto’s van welke enge ziektes allemaal niet het gevolg kunnen zijn van het op het oog zo onschuldige sigaretje.
Ik heb zelf nooit echt gerookt. Ooit, lang geleden was ik met mijn middelbare school op een werkvakantie in Frankrijk. In Amiens knapten wij een seminarie en een parochiehuis op. Missioneringsarbeid in een zich ontkerstenend land, waar een Nederlandse priester werkzaam was. En daar rookte ik. Matig, zeer matig. En smerig dat ik het vond, maar ik deed mee met de andere jongens, omdat het stoer stond. Geen begeleider die het verbood. Het was ook nog maar 1960. We rookten Gaulloise. Dat deed je in Frankrijk. In Nederland heb ik geen sigaret meer aangeraakt. Sterker nog, ik werd lid van de C.A.N. De Club van Actieve Niet-rokers. Mijn toenmalige echtgenote en ik maakten onze gasten duidelijk dat er in ons huis niet gerookt werd. In die tijd waren we nog Don Quichottes die tegen windmolens leken te vechten, maar het tij heeft zich gekeerd. Niet-roken is eerder regel dan uitzondering geworden.
Hoe anders was dat heel vroeger bij ons thuis, waar op familiefeestje stevig gerookt werd. De kamer stond blauw van de rook, zo zelfs dat de parkiet in zijn kooi van zijn stokje viel bij gebrek aan lucht. Niemand die er dan aan dacht minder te gaan roken. Nee, de parkiet werd op de gang gezet om bij te komen van zijn acute nicotinevergiftiging.
Niet roken heeft mijn leven gered. Mijn cardioloog verzekerde mij destijds dat ik mijn hartaanval niet overleefd zou hebben als ik een roker was geweest. Dat zou toch zonde zijn geweest van de ruim twintig jaren sindsdien.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *