Boos

Als ik de afgelopen weken zo eens in beschouwing neem ben ik op zoek naar een woord dat goed past bij wat ik nu als een maand of twee  meemaak. Een woord dat dan bij mij opkomt is ‘gelatenheid’. Ik weet niet of dat het meest passende begrip is. Voor de zekerheid tik ik het woord in bij Google en lees  dan maar liefst 18 omschrijvingen voor gelatenheid’: 1) Bedaard 2) Berustend 3) Bezadigd 4) Duldzaam 5) Geduldig 6) Geresigneerd 7) Gespannen 8) Getroost 9) Lijdelijk 10) Lijdzaam 11) Meegaand 12) Onderworpen 13) Ongedaan kalm 14) Onverbitterd 15) Passief 16) Rustig 17) Stoïcijns 18) Zonder belangstelling. Daar zijn er altijd wel een paar bij die precies weergeven wat mijn gemoedstoestand van de afgelopen weken  was en is. Met een paar omschrijvingen, met name  18, 14 en 12 kan ik geen kant op. Maar doorgaans ben ik van harte bereid dingen te nemen zoals ze zijn en is gelatenheid toch wel het meest passende begrip. Ik heb mij al lang geleden eigen  proberen te maken dat zaken waar je toch niets aan kunt veranderen nauwelijks energie te geven. Je kunt je krachten beter gebruiken om zaken te veranderen die veranderbaar zijn. Trekken aan een dood paard helpt het maar een heel klein en te verwaarlozen stukje vooruit.
Zo heb ik de voorbije tijd dan ook maar aanvaard zoals het was. Ben braaf in quarantaine gegaan. De eerste weken vrij absoluut en allengs wat minder strikt. Ik ging weer op bezoek en ontving bezoek. Uiteraard wel met inachtneming van de van rijkswege geadviseerde restricties. De anderhalvemetergrens respecteerde ik, handen werden niet geschud en aanraken deed ik enkel Gade, de poes Harrie en de buurthond Beer. En ik dacht daarmee zelfs de huidhonger te kunnen stillen. Zeer tegen onze gewoonte in begroetten mijn kinderen en ik elkaar slechts met een hoofdknikje. Dat vonden we allemaal vreemd en oneigenlijk maar dat hebben we voor de goede zaak, de beteugeling van het virus en onze eigen gezondheid over. Ik nam en neem het voor hoe het nu  is.
Ik kreeg een berichtje van een heel goede vriendin. Of een bezoekje op anderhalve meter mogelijk was. We zien elkaar maar heel af en toe, met grote tussenruimte in de tijd, maar verder in intieme nabijheid. Zij kwam op de koffie en we respecteerden, uiteraard, de afstand. Het werd een genoeglijk bezoek. Toen ze weg was na een Japans afscheid met een buiging op geduchte afstand voelde ik voor het eerst in plaats van gelatenheid boosheid. Boosheid omdat we elkaar niet mochten aanraken. Iets wat in al die vriendschapsjaren zo eigen aan ons contact was. Even was er geen sprake van gelatenheid. Even was ik boos. Maar op wie?

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *