Droom

Het is onontkoombaar vandaag over dromen te schrijven. Op elke zender, in elke krant, elk weekblad wordt aandacht besteed aan de “I have a dream”-speech van Dr. Martin Luther King. Mijn lijfkrant drukt 50 jaar na dato de tekst van de toespraak integraal af. Nieuws van een halve eeuw oud blijkt nog actueel. Want als zo veel dromen is ook deze niet helemaal uitgekomen. Iets wat het lot van de meeste dromen is. Ik schreef ooit in een gedicht: “Ik blijf nu dicht bij huis
en overpeins m’n dromen.
Van wat is uitgekomen
geniet ik nog eens na.
En wat een droom bleef,
moet dat maar blijven.”
Zo is het maar net.En ik neurie zachtjes voor mee heen: “De meeste dromen zijn bedrog, maar als ik wakker word naast jou dan droom ik nog.”
Ik heb ook mijn dromen gehad. Er waren tijden dat ik dacht dat ik samen met mijn generatie de wereld kon veranderen, dat de samenleving maakbaar was en de spreiding van kennis, macht en inkomen haalbaar was. Maar ach, dat bleek een utopie en wat mij troostte was de uitspraak van Oscar Wilde dat een wereldkaart waar Utopia niet op stond de moeite van het bestuderen niet waard was (“A map of the world that does not include Utopia is not worth even glancing at.“)
Dat was een schrale troost, maar dat zijn citaten vaak. Een te kleine pleister op een grote schrijnende plek.
Het was ook een troostende gedachte toen ik er achter kwam dat ook sommige van mijn dromen onhaalbaar leken. Er was een tijd dat ik dacht dat ik alles kon (behalve wiskunde). Wat een opluchting toen ik er achter kwam dat dat niet het geval was. Dat ik niet alles kon, mijn beperkingen had en dat daar uitstekend mee te leven was.
Natuurlijk bleven er dromen. Dromen  te over. Soms kwam er eentje uit, een andere verdampte.
Vandaag las ik de toespraak van dominee King. Een toespraak die eindigt met “We are free at last!” Wat een droom.

Eén reactie op Droom

  1. Peter Weldring schreef:

    Maar we hebben in ieder geval Obama, Jan.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *