Regime

Gade is weer thuis. Ik heb haar zaterdagavond van het station opgehaald. Verheugd heb ik de souvenirtjes uitgepakt die ze voor me heeft meegebracht. Prullaria die ik zeer waardeer. Een theelepeltje waarin een Zwitsers vlaggetje hangt, een sticker met het wapen van Adelboden en ook nog een stoffen embleempje met het zelfde  onderwerp. Een soort herinnering aan wat ik ooit van mijn broer kreeg die in 1953 in dat zelfde stadje was. De twee embleempjes lijken helemaal niet op elkaar, maar overbruggen desondanks meer dan 60 jaar. Heel even ben ik weer terug in de tijd.
De volgende ochtend stel ik Gade voor aan de gaste die ik de afgelopen dagen had. Een Chileense producente van een film die meedeed in het festival. Eigenlijk zou ik haar wegbrengen naar de slotbijeenkomst van het festival, maar al pratend en koffiedrinkend besluit zij die bijeenkomst te laten voor wat het is. Ik zal haar straks rechtstreeks naar het station brengen. Het festival is voor haar voorbij. En zo wordt het een ochtend waar Gade en ik van alles leren over Chili, hoe zij haar land beleefd. De geweldige kloof die er bestaat tussen arm en rijk en hoe voorzieningen als onderwijs en gezondheidszorg voor steeds minder mensen bereikbaar worden. Hoe het land nog steeds lijdt onder de naweeën van het Pinochetregime en hoe vrouwenrechten nog steeds niet ten volle erkend worden. Wij luisteren naar haar verhaal, haar betrokkenheid, haar bevlogenheid. Dat is een van de opbrengsten van het ter beschikking stellen van een deel van je huis aan gasten. Wat je er voor terugkrijgt zijn de verhalen die je anders nooit te horen zou krijgen. Voor het beschikbaar stellen van een bed en bete broods krijg je verre landen in je eigen woonkeuken gepresenteerd. Verhalen uit de eerste hand. Doorleefde verhalen. Verhalen die stil maken.
Dan wordt het toch echt tijd om afscheid te nemen. Er moet een trein gehaald worden. Ik breng mijn gaste naar het station. Het is niet waarschijnlijk dat we elkaar ooit nog zullen zien. Nog een keer vraagt ze me of ze de naam van mijn stad goed uitspreekt. Zij wil straks goed kunnen zeggen waar ze geweest is. Ik zeg nog een keer: “Nijmegen”. Zij herhaalt: “Nijmegen”.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *