Tussentijd

Dit weekend is het weekend van de waarheid. Een tussentijds evaluatiemoment aan de hand waarvan beslist zal worden of de diverse maatregelen gehandhaafd zullen worden of strakker worden aangetrokken. Van versoepeling zal in ieder geval geen sprake zijn. Daarvoor tiert het virus nog te welig. Men lijkt langzaamaan te wennen aan  de mores van deze tussentijd. Want zo wil ik deze periode benoemen. Het is een tijd tussen wat was en wat zal komen. In heel veel, maar ook in niets, lijkt het op de tijd die was en waarvan ik het vermoeden heb dat die nooit meer zal terugkeren. Er komt een generatie die zich niet kan voorstellen dat het gewoon was dat men bij eerste kennismaking handen schudde, dat men buiten geen mondkapjes droeg en dat je ooit meer dan drie gasten thuis mocht ontvangen. Maatregelen die nu de tussentijd beheersen, maar dan gemeengoed zullen worden. Knuffelverboden zullen dan streng gehandhaafd worden, elkaar aanraken is uit den boze, behalve een vluchtige touchering van elkaars elleboog bij wijze van groet. En dan zal ieder de anderhalve meter grens als een natuurlijk gegeven aanvaarden en is het plaveisel overal voorzien van strepen op 150 centimeter van elkaar en niemand durft het te wagen die grens te overschrijden. Alles en iedereen kan in de gaten worden gehouden. Alles en iedereen wordt in de gaten gehouden. In deze tussentijd wordt ons langzaam geleerd hoe het straks, ooit, zo, binnenkort, over een tijdje zal zijn. Nu al hangt bij de deur van de slager, de groenteboer en de bakker een mededeling hoeveel klanten er tegelijkertijd in de winkel mogen zijn die voor het binnengaan hun handen hebben gedesinfecteerd en die bij thuiskomst die ook weer onmiddellijk zullen wassen.
Deze tijd ervaar ik als een tussentijd naar de tijd dat we niet beter meer zullen weten. Dat het nieuwe normaal gewoon is geworden. De tijd dat we blij zullen zijn als de avondklok een dag per week ingetrokken wordt en er één zondag per maand is waar je met wel 50 mensen in plaats van de dan maximaal 30 samen mag komen.
George Orwell dacht dat het in 1984 zo ver zou zijn. Wij weten dat het 2020 is.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *